OSBO Clubcompetitie 2007/2008

7e ronde - April 2008

ESV 3 wint met 4-2 van de Sleutelzet
door Roelof van der Meer

Gisteravond, tijdens de slotronde bij ASV in Arnhem, heeft ESV 3 de uitwedstrijd tegen de Sleutelzet met 2-4 gewonnen.

We zijn daardoor in 4F op de 4e plaats geëindigd met 8 Mp en 23 Bp. Na het rampzalige begin van de competitie toch nog een heel redelijk resultaat.

De spelers + resultaten zijn:

1. Bert Nobel - Jan Groters ½ - ½

2. Rob vd Hoeff - Jacob Bolderman 1 – 0

3. Theo Kloppenburg - Peter Jonker ½ - ½

4. Henk vd Woude - Herman v Scherrenburg 0 – 1

5. Jan de Ridder - Roelof vd Meer 0 – 1

6. Bep Theuns - Arnold vd Berg 0 – 1

Alle partijen van slotronde staan op de website van ASV (www.asv-schaken.nl); een zeer goede service van de voortreffelijke gastheren

ESV1 wint van ASV 5
door John Zandvliet

Het eerste team van de Edese Schaakvereniging heeft op 13 april het seizoen 2007-2008 afgesloten met een 4 ½ - 3 ½ overwinning afgesloten op ASV 5 waardoor het op de derde plaats geëindigd in groep 1 A van de OSBO.

Het werd een ongemeen spannende ontmoeting. Het begon goed met ESV : John Zandvliet wist aan het zevende bord met een typische val uit het openingsboekje binnen 10 zetten de zwarte dame van zijn tegenstander T. van Amerongen te verschalken. ( 1. e4 c5 2. Pf3 d6 3. d4 cd4: 4 Pd4: Pf6 5. Pc3 g6 6. f4 Lg7 7. e5! de5: 8. fe5: Pg4? 9. Lb5† Kf8 ?? 10. Pe6 †! Voer voor schaakliefhebbers.)

Aan bord drie had Martin Roseboom in een gesloten Siciliaan met wit een klassieke aanval langs de h- lijn opgebouwd die zijn tegenstander N. Schoenmakers beantwoordde met een actie op damevleugel en centrum. Martin’s dame en paard kwamen gevaarlijk dicht bij de zwarte koning maar net niet genoeg om hem mat te zetten : remise door een voor beide zijden geforceerde herhaling van zetten.

Aan het achtste bord had Bas West met zwart in een klassieke draak opstelling van de Siciliaanse opening een solide aanval opgebouwd tegen de lange rochadestelling van zijn tegenstander A. Dekker. Diens tegenaanval was nergens te bekennen. Afruil van de dames bracht geen soulaas voor wit. Bas toren en paard waren oppermachtig. Wits h- pion ging er aan en toen Bas g- pion ook nog dreigde te promoveren hield Dekker het voor gezien.

Aan bord 5 schoof Hans Renken met Wit een rustige partij tegen R. Naasz. Wit en Zwart hielden elkaar keurig in evenwicht waardoor er voor Hans geen reden was om niet in te gaan op het remiseaanbod van zijn tegenstander.

De overige borden stonden er echter minder florissant voor. Aan bord een was Cor van Ingen met Wit niet goed uit de opening gekomen. Zijn tegenstander J. Woestenburg trok een menigte aanvallende stukken op de koningsvleugel samen en Cor kon alleen maar hopen via stukkenruil de aanvallers van het lijf te houden. Aan het tweede bord was Sjoerd Meijer tegen T. Hogenhorst met Dame tegen toren en loper en pion op materiële achterstand geraakt. Ook al verdedigde Sjoerd zich kranig, hij moest opgeven toen vijandelijke dame en paard zijn koningsstelling binnendrongen. Ook Willem Slagter was met Zwart op bord zes tegen. E.Hartman met een loper tegen twee pionnen op materiële achterstand geraakt Zijn tegenstander had echter zeeën van tijd verbruikt. Slagter bleef onverstoorbaar door spelen en met het ene dameschaak na het andere verhinderde hij dat Wit een slotaanval kon inzetten. Met nog twee minuten op de klok en nog steeds geen beslissing in zicht bood Hartman remise aan wat door Willem Slagter grootmoedig werd geaccepteerd. Een mooie prestatie van de zwartspeler!

Aan het vierde bord was Ronald Klaassen tegen H. Rigter met Zwart in een gesloten Siciliaan goed uit de opening gekomen. De verwachte aanval van Wit op de koningsvleugel werd beantwoord door een tegenactie in het centrum waardoor de witte aanval verzandde en Wit met een lelijke geïsoleerde dubbelpion op de e- lijn eindigde terwijl Zwart een pionnenmeerderheid op de damevleugel had. Had Klaassen die pionnen gewoon laten opmarcheren dan was hem de overwinning niet ontgaan. Hij wilde echter eerst die dubbelpion liquideren en zag daarbij een simpele penning over het hoofd met kwaliteitsverlies als gevolg. Zwarts ronddolend paard was niet opgewassen tegen de combinatie van toren en vrijpion. Rigter had nog maar twee minuten op klok maar net voldoende voor mat. Klaassen gaf op.

Alle aandacht concentreerde zich nu op de partij van Ingen- Woestenburg. Cor van Ingen had via afruil van lopers enige verlichting geschapen, maar de zwarte aanval bleef komen. In tijdnood probeerde Woestenburg zijn aanval via een kwaliteitsoffer te laten doorslaan. Een zwarte pion drong door tot op f2. Van Ingen gaf de kwaliteitswinst weer terug en vond de verlossende verdedigingszet. In hoge tijdnood deed zijn tegenstander een onregelmatige zet en gaf daarna op : hij had maar 16 seconden op de klok over en van Ingen nog 120 ! Viereneenhalf tegen drieënhalf: een mooi eindresultaat voor ESV.

6e ronde - Maart 2008

ESV 1: OUD LEGT HET AF TEGEN JEUGD
door John Zandvliet

Het eerste team van ESV speelde 14 maart in Arnhem tegen De Toren 2, een team dat op een uitzondering na geheel uit jeugdspelers bestond. De uitslag loog er niet om : met anderhalf tegen zes en half kon ESV 1 weer terug naar huis. Op weg naar Arnhem had teamleider Willem Slagter al een voorgevoel dat het in Arnhem wel eens mis kon gaan en dat klopte ook.

Aan het eerste bord kwam Martin Roseboom met Wit tegen Jan van Dorp in een doorschuif variant van de Caro Cann opening op een pion achterstand te staan. Toen hij tot overmaat van ramp een lopervork over het hoofd zag en een van zijn torens er ook nog aan ging, legde hij zijn koning om. Bijna tegelijkertijd hield Bas West het voor gezien. Met zwart spelend tegen Noud Lentjes werd hij in de beruchte f3 variant van de Draak opgerold langs de h lijn. Een kwaliteitsoffer bracht even soulaas, maar de witte aanval kwam hem weldra ook nog op loperverlies te staan. Bas spartelde nog wat na, maar hij had het geen schijn van kans meer.

Na anderhalf uur spelen stond Ede dus al op een 2-0 achterstand en een rondgang langs de overige borden gaf weinig vrolijks te zien: alleen Hans Renken met Wit op bord drie stond duidelijk beter. De overige borden beloofden hooguit remise. John Zandvliet kwam met zwart spelend tegen Justin Gunther kwam in een vrij onbekende variant van het Scandinavisch goed uit de opening maar koos de verkeerde voortzetting. Zijn poging om een witte loper op te sluiten met opoffering van het loperpaar mislukte, hij gaf de e-lijn op voor een slecht geplande aanval met zijn toren op de d-lijn met pionverlies als gevolg. Het loperpaar van zijn tegenstander deed de rest.

Even later was het de beurt aan Willem Slagter. Hij had zich met zwart aanvankelijk goed verdedigd tegen in de Russische variant van het Spaans, maar werd door zijn jonge tegenstander Sebas Beumer geleidelijk steeds meer onder druk gezet met pionverlies als gevolg. Aan het eind van de partij was er nog een wilde stelling : vijf pionnen en een toren voor Slagter tegen een toren en vijf pionnen voor Beumer maar in een technisch verloren stelling. De zege kon de Toren toen al niet meer ontgaan.

Aan bord 4 kreeg Ewout Fakkel met zwart tegen Ron Engelen de zogenaamde Fisher aanval te verduren. Dit is eigenlijk een omgekeerde Konings-Indisch waarbij wit de damevleugel aan zijn tegenstander overlaat en al zijn stukken op de koningsvleugel concentreert. Ewout kende de opening, en schoof al zijn pionnen op de damevleugel naar voren. Zijn acties op de damevleugel en in het centrum liepen echter vast waardoor hij zich tot de verdediging moest beperken. Dat deed hij echter bekwaam : ook de witte aanval sloeg niet door met remise als resultaat.

Aan bord 5 kreeg Willem de Wilde speldend met Wit tegen Vincent Vleening een Siciliaanse Draak tegenover zich. Met de witte aanval wilde het niet erg vlotten waardoor het initiatief het grootste gedeelte van de partij bij zwart lag. De Wilde maakte echter geen fouten waardoor remise een goede weerspiegeling was van het verloop van de partij.

Aan bord 7 speelde Hans Thuijls ook al een Siciliaan tegen Steven Glasbeek. Hij koos met Wit de Alapin behandeling met 2. c3 waardoor men de talloze varianten van de Siciliaans kan vermijden en toch in een gemakkelijk te hanteren middenspelpositie komt . Dat bleek ook nu het geval. In het verloop van de partij verloor hij weliswaar een pion maar zijn tegenstander zou nog bergen werk hebben moeten verzetten om die pionwinst om te zetten in winst. Remise was voor beide partijen een aanvaardbaar slot zeker omdat de uitslag van de wedstrijd toen al vast stond.

Dramatisch was het verloop van de partij van Hans Renken tegenover Nick Beijerinck. Renken speelde met Wit in een Reti opening kwam overwegend te staan . Zijn toren kwam op de zevende rij naar binnen, een andere toren stond al op de open g lijn en een Dame op c3 allemaal gericht op de zwarte rochade stelling. Zwart kon dit nog net pareren. Wit verorberde vervolgens een zwarte loper op b7 en dacht hiermee de overwinning op zak te hebben. Zijn jonge tegenstander vond spelend met dame en toren met nog drie minuten op de klok zonder tekenen van vermoeidheid de ene goede zet na de ander. Hij speelde hij op remise door eeuwig schaak. Hans Renken had simpel weg zijn aanval moeten opgeven en zijn toren van de zevende lijn moeten terughalen maar daarvoor in de plaats deed hij een fatale zet met zijn koning. De vijandelijk dame glipte naar binnen en het werd mat!

Dit was de eerste fikse nederlaag van EDE 1 in dit seizoen Bij een overwinning of gelijk spel had ESV nog van promotie kunnen dromen. Nu kon het met de staart tussen de benen naar huis. Met nog een ronde te gaan is degradatie gelukkig niet aan de orde.

5e ronde - Februari 2008

ESV 1 wint van SMB 4
door John Zandvliet

ESV1 had op 14 februari weinig moeite met SMB4. De uitslag 7-1 in het voordeel van Ede geeft wel een goed beeld van de krachtsverhoudingen.

Na iets meer dan een uur spelen en 17 zetten had John Zandvliet met Wit aan het zesde bord als een punt binnen op zijn tegenstander H. van de Berg, die een vork met schaak en torenverlies over het hoofd zag.

Het tweede punt volgde hierop vrij snel. Willem Slagter kreeg aan het vijfde bord met Zwart in de Half-Klassieke verdediging van het damegambiet al snel een gemakkelijk stelling : de dames waren afgeruild en zijn tegenstander, Fr. Van Wezel kwam spoedig met een lelijke dubbelpion te zitten. Slagter ruilde bekwaam de torens af op de open d-lijn waardoor er alleen een slechte loper van Wit overbleef tegen een sterk paard van Zwart. Als gevolg van een beoordelingsfout van Van Wezel ging een van de dubbelpionnen als eerste er aan spoedig gevolgd door een tweede pion, waarop Wit zijn vlag streek.

Een half uur later bracht Ronald Klaassen met Wit aan het vierde bord het derde punt binnen. Voortbouwend op een solide stelling in het Damegambiet met een witte loper op b1 en een paard op h4 vermorzelde hij met een paardoffer op g6 de zwarte rochadestelling van zijn tegenstander J. Bardie. Zijn f-pion drong gesteund door een toren op f1 via f5 en f6 de zwarte stelling binnen en dat koste zijn tegenstander een stuk en de partij. Toen was het al duidelijk dat Ede 1 de overwinning niet meer zou ontgaan.

Aan het tweede bord was Cor van Ingen met wit spelend tegen J. van Deemen al druk bezig om een overweldigende stelling op te bouwen. Een loper op a3 verhinderde zijn tegenstander om te rocheren, een toren controleerde de b-lijn en zijn tegenstander kon nog alleen hopen dat van Ingen niet door de defensie van zijn centrumpionnen zou weten heen te breken. Dat deed van Ingen juist wel : Om de centrumdruk te verminderen offerde zijn tegenstander een toren voor een loper . Van Ingen name echter niet terug met zijn dame, sloeg met zijn f6 pion de zwarte loper op g7 met directe mataanval op een zwart paard op f8. In het zicht van een grote materiaalachterstand en een hopeloze koningsstelling streek van Deemen daarop de vlag.

Bast West met wit op bord acht tegen J. Claessens speelde een rustig damegambiet waar hij geleidelijk aan steeds beter kwam te staan. Zwart maakte echter de beslissende strategische fout door in te gaan op een torenruil waar aan West een door de witte loper gedekte vrijpion op de a lijn aan overhield. Zwart wist niets beters te bedenken dan zijn paard op te offeren om promotie van Bas vrijpion te verhinderen. Zwarts koning kwam nog even gevaarlijk opzetten, maar kon uiteindelijk weinig uitrichten . Wit haalde ook zijn koning naar de damevleugel en in tempodwang moest zijn zwarte collega weer terug waarna wits materiaaloverwicht besliste.

Het spannendst was het wel aan het zevende bord waar Hans Renken met zwart een op het eerste gezicht levensgevaarlijke aanval van zijn tegenstander O. Mercan Cano over zich heen kreeg. Het was een Aljechin . Renken had lang gerocheerd en werd verrast door de inslag op a6 van de witte loper. Nam hij deze met zijn b-pion dan sloeg de witte dame Renkens paard op c6 en werd zijn koningsstelling een gatenkaas. Na een half uur denken vond Renken de verdediging: loper op g4 slaat het vijandelijke paard op f3 en zijn tweede paard van d5 naar b4 om zijn collega op c6 te dekken. Wit gaf met zijn Dame schaak op a8, dat afgedekt werd door het paard van c6 naar b8 maar wit was net te onderontwikkeld om zijn aanval door te zetten. Nu was het de beurt aan Hans Renken om via het centrum de witte koning te belagen. Hij kwam een eind maar net niet ver genoeg. Wit hernam zijn aanval: de zwarte koning werd opgejaagd, het beschermende paard werd met schaak van het bord geslagen, maar ook nu weer kon Hans Renken zijn koning nog net in veiligheid brengen. Na twee ongelukkige zetten van Wit – beide spelers waren in hevige tijdnood en de vermoeidheid begon toe te slaan - was het bekeken : de witte koning - van verdedigers beroofd - ging onherroepelijk mat.

Sjoerd Meijer en Martin Roseboom speelden met zwart twee rustige partijen tegen respectievelijk Chr. Verstegen en H. Eshuis.

Sjoerd Meijer koos de symmetrische opbouw met Lg7 en c5 in het Pannosysteem van het Koningsindisch en kreeg een aardig initiatief op de damevleugel. Wit verdedigde zich echter goed en speelde op afruil van stukken . De zwarte dame stond actiever opgesteld dan haar witte collega, maar aangezien de witte pionformatie weinig zwakke plekken vertoonde, had Sjoerd Meijer ondanks al zijn verwoede pogingen toch te weinig om zijn positievoordeel in materieel gewin om te zetten. Remise was dan ook onvermijdelijk

Martin Roseboom speelde weer zijn vertrouwde Frans. Zijn tegenstander, H. Eshuis koos de Tarrasch variant, maar dat leverde per saldo toch weinig op. Wit trok stukken samen tegen Martins koningsvleugel, maar aangezien zwart genoeg verdedigers had kwam Wits aanval niet echt van de grond. Aangezien de wedstrijd toch al in het voordeel van Ede was en de uitslag van de partij er niet meer toe deed werd tot remise besloten. Zwart stond toen al wat beter maar meer ook niet.

Zes winstpartijen en twee remises: een mooi resultaat

3e ronde - December 2007

ESV 1 wint van Bennekom 2
door John Zandvliet

Op 12 december vond in Ede het schaaktreffen plaats tussen het eerste team van de Edese Schaakvereniging en het tweede team van Bennekom. De meeste leden van beide teams kennen elkaar wel van verschillende eerdere ontmoetingen en de algemene opvatting was dat beide teams min-of-meer aan elkaar gewaagd waren. De einduitslag 6-2 in het voordeel van Ede kwam dus wel als een verrassing.

Aan het eerste bord speelde Sjoerd Meijer met zwart een Franse opening tegen W.J. Thieme. Sjoerd kwam goed uit de opening, maar ook niet meer dan dat. Hij wist echter met succes zich het loperpaar te verschaffen en begon geleidelijk aan de druk op de witte stelling op te voeren, hij offerde een kwaliteit, miste een tussenzet, maar wist desondanks het initiatief te behouden. Pas tegen het eind van de wedstrijd stortte de witte stelling in. Sjoerd miste een mat in drie of vier zetten, maar dat deed er niet meer toe. Een goede prestatie van de eerstebordspeler van Ede.

Aan het tweede bord koos Cor van Ingen tegen Noël Bovens met wit de c3 variant tegen de Siciliaan, een bij vele witspelers geliefde wijze om de talloze varianten van de Siciliaanse opening te omzeilen en toch een gemakkelijk middenspel te krijgen. Al heel vroeg werden de dames geruild. Zwart kon lang rocheren, Wit niet. Dat bleek voor Van Ingen geen bezwaar. Hij wist een pion te verschalken en een eindspel te bereiken met een goede loper tegen een paard. Cor van Ingen is een echte eindspelspecialist en wist met fijne zetten zijn minuscule voordeel om te bouwen tot winst.

Aan het derde bord had Martin Roseboom tegen G. Dimbach, die duidelijk zijn dag niet had, het veel gemakkelijker. Ook Martin speelde de Franse verdediging. Wits aanval kwam niet goed van de grond en een foutieve combinatie werd Dimbach fataal. Hij verloor achtereenvolgens een paard op c2 en een toren op b1 zonder noemenswaardig tegenspel te krijgen. Na iets meer dan een uur spelen legde Dimbach als eerste het hoofd in de schoot.

Ronald Klaassen speelde met Wit de Saemisch variant met f3 tegen de Koningindiër van Balder. Klaassen rocheerde lang en liet zijn pionnen op de koningsvleugel oprukken terwijl zwart zijn Dame op a5 positioneerde om op zijn beurt de witte vleugel te belagen. De witte aanval kwam niet van de grond: de zwarte stukken waren effectiever geplaatst en een aardige combinatie leverde zwart een volle kwaliteit op waarbij tot overmaat van ramp ook nog de dames van het bord verdwenen. Klaassen probeerde nog wat tegenspel te organiseren maar zag een tweede paardvork over het hoofd waardoor hij nog een kwaliteit verloor. Aangezien verder spelen zinloos was streek Klaassen zijn vlag.

Een van de langste partijen leverde Willem Slagter tegen zijn tegenstander Sonnenberg. Sonnenberg koos met wit de solide Anderssen aanval in het Spaans. De witte aanval kwam langzaam maar gestadig op gang en Slagter dacht die te kunnen breken met een pionoffer. Wat als offer bedoeld was kwam neer op een cadeau aan de witspeler. Slagter slaagde er in de stelling gesloten te houden en wist zijn slechte witte loper te ruilen tegen de goede van Wit. Wit probeerde door te breken in het centrum met als enig resultaat dat hij slechts een pluspion op de h-lijn overhield die door de zwarte koning gemakkelijk kon worden gestopt. Na afloop zei Slagter deze remise hem meer voldoening gaf dan menige winstpartij.

Gelijk op ging het in de partij van Hans Renken tegen Bakker. Renken speelde met wit zijn vertrouwde Reti-opening, maar bereikte weinig concreets tegen het solide centrum van zijn tegenstander. Er werden lijnen geopend, maar beide koningsstellingen waren te goed beschermd om te kunnen worden gekraakt. Toch leek na drie uur spelen de zwarte aanval gevaarlijker dan de witte maar Renken wist zich te handhaven. Met nog drie minuten bedenktijd en met nog twee minuten bedenktijd van zijn tegenstander werd tot remise besloten. De wedstrijd was toen al in het voordeel van Ede beslist.

Hans Thuijls speelde op het zevende bord een Engelse partij tegen Martien Smit. De eerste acht zetten waren geheel symmetrisch, doch toen gingen de spelers hun stukken anders plaatsen. Hierbij slaagde Hans er in om zijn paard tegen de loper van de tegenstander te ruilen en zo het loperpaar te verkrijgen. Vervolgens probeerde hij het centrum open te breken. Zijn tegenstander liet dat niet naar Hans wens toe maar zette daarbij wel zijn paard buitenspel. Smit probeerde vervolgens Hans' koningsvleugel open te breken maar Hans kon dit gemakkelijk opvangen, opende zelf de g-lijn, verorberde een pion, ging zelf in de aanval op de witte koning en wist de partij in zijn voordeel te beslissen.

John Zandvliet speelde met wit tegen de Bruin, die de Moeller variant van het Spaans koos. Wit deed het schijnoffer op e5, welke niet als de beste voortzetting geldt, maar wel het voordeel van de verrassing had. Zwart had dit kennelijk niet eerder bij de hand gehad en Wit kwam snel overwegend te staan. Op een gegeven ogenblik stonden er drie zwarte stukken "in": de zwarte dame en twee paarden, een situatie die Zandvliet stukwinst had moeten opleveren. Zandvliet sloeg echter het "verkeerde" paard waarna zwart te situatie handig wist te redden en de schade wist te beperken tot het verlies van een pion. Wit kon van vooraf aan beginnen om zijn aanval op te bouwen. Tegen opoffering van een pion wist hij een paard op e6, een dame op d7 en een toren op de vrije f-lijn te krijgen. Tegen dit gevaar wapende de zwartspeler zich door zijn koning op h8 en zijn toren op g8 te zetten. Zandvliet speelde zijn paard naar d8 om op f7 een stikmat te geven en dat kon alleen met stukverlies door zwart worden verhinderd.

Einduitslag 6-2. Een mooie score voor ESV.

1e ronde - Oktober 2007

Ontmoeting ESV – Veenendaal 2
door John Zandvliet

Op 18 oktober speelde het eerste team van de Edese Schaakvereniging ESV zijn eerste competitiewedstrijd tegen het sterke Veenendaal 2 team. Ede had de extra handicap dat zowel zijn eerste als tweede bordspeler niet van de partij konden zijn en zich moesten laten vervangen door invallers.

Cor van Ingen die aan het eerste bord met zwart te maken kreeg met Jef Verwoert, een formidabele tegenstander (Elo rating boven de 2200!), had het niet gemakkelijk. Cor’s openingskeuze was ook niet de gelukkigste. Verwoert deed een bekend schijnoffer, dat hem een overwegende stelling opleverde en daarna was het vechten voor remise. Het lukte van Ingen niet: zijn toren op a8 bleef begraven en met een aardige slotcombinatie besliste Verwoert na meer dan drie en half uur spelen de partij.

Willem Slagter deed het met wit beter met een geweigerd Koningsgambiet. Zijn tegenstander G.A. van Vliet kreeg twee lelijke dubbelpionnen, maar wel het loperpaar. Een afwikkeling leverde Slagter wel een paard op voor de prijs van drie pionnen. Mogelijk had hij hiermee nog kunnen winnen, maar na bijna vier uur schuiven werd tot remise besloten nadat duidelijk was geworden dat ESV in ieder geval niet meer kon verliezen.

Invaller Ewout Fakkel ging met zwart in een Franse partij vlot van start. Zijn tegenstander O. Kempman kwam weldra op een achterstand van twee pionnen te staan. Fakkel’s pionnenwinst was wel ten koste van zijn ontwikkeling gegaan en zijn slechte witte loper was geen tegenwicht voor het sterke paard van zijn tegenstander. Fakkel verloor veel tijd om de aanvallen van zijn tegenstander op zijn stelling af te slaan en in tijdnood durfde hij het niet aan op winst te spelen met remise als resultaat.

Aan het vierde bord speelde Ronald Klaassen met wit een soort Benoni opening en voerde de druk op de damevleugel aardig op .Om tegenspel te krijgen offerde zijn tegenstander G.H. van der Brink een pion maar zag iets over het hoofd waardoor een van zijn lopers in een vreselijke penning terecht kwam. Klaassen wist vervolgens bekwaam zijn materiaalvoorsprong te verzilveren.

Daarentegen was de partij van Hans Renken aan het vijfde bord tegen H. Don een klein drama. Renken verloor in een ongebruikelijke variant van de Aljechin al op de zevende zet een stuk en de rochade. Hij speelde nog door maar moest op de veertiende zet erkennen dat verder spelen zinloos was.

John Zandvliet had met wit aan bord zes meer geluk. Zijn tegenstander A. Loonstra trapte al op de vierde zet in een thuis voorbereide openingsval in de doorschuifvariant van de Caro-Cann. Om zich te bevrijden offerde Loonstra twee pionnen doch dit gaf nauwelijks lucht. Zandvliet incasseerde een derde pion, ruilde de dames af en stuurde zijn koning naar g4 ter ondersteuning van de vrijpionnen op g5 en h4 zonder dat zijn tegenstander hier iets tegen kon ondernemen. In het zicht van dit "koninklijke" geweld gaf Loonstra op.

Aan het zevende bord kon Willem de Wilde in een Najdorf de verleiding niet weerstaan de g pion van zijn tegenstander P.W.J.J. Verweij te consumeren, maar daarbij gaf hij wel vrij baan aan de vijandelijke torens op zijn matig verdedigde koningsstelling. Er verscheen een paard op d5 en een vijandelijke pion op f6. terwijl de tegenaanval op de witte koningsstelling niet van de grond kwam. Opgave van de kwaliteit van de kwaliteit bracht geen soulaas: met een aardige offercombinatie besliste Verweij de partij.

Bas West had een "makkie" aan het laatste bord. Zijn tegenstander R.M. Thoutenhoofd gaf al in de openingsfase een stuk weg. Pogingen van zijn tegenstander om nog wat tegenspel te krijgen werd door Bas West bekwaam in de kiem gesmoord. De dames werd afgeruild en toen bij een verdere afruil zwart nog een pion verloor hield Thoutenhoofd het voor gezien.

Met de eindstand 4-4 tegen een sterk team als Veenendaal 2 mag ESV 1 heel tevreden zijn.