Toernooien 1997/1998
 
Toernooien op aparte pagina's:

Het seizoen 1997/98 heb ik (Hans Thuijls) aan diverse rapidtoernooien deelgenomen. Weekendtoernooien trekken me niet: ik zou er overschaakt van worden en ik verschijn liever niet oververmoeid op maandagochtend op mijn werk. Zelfs een mok zelfmoord-koffie (zeer sterke koffie, te verkrijgen door het filter nagenoeg geheel te vullen met koffie) kan daar niets aan veranderen. Dus zijn de rapidtoernooien, die (meestal) zaterdags worden gehouden, een mooi alternatief. Ik heb er afgelopen seizoen maar liefst elf gespeeld, met wisselend succes. Deze toernooien passeren hier de revue.

ERU Goudkuipje Schaaktoernooi
Op 29 november nam ik de trein naar Woerden, alwaar het 25e Goudkuipje Schaaktoernooi plaatshad. Aangezien ik al jaren geen toernooi gespeeld had, had ik een voorzichtige elo (1300) doorgegeven. Dit hield in, dat ik in de voorlaatste groep geplaatst werd. Alleen de eerste partij was spannend. Mijn tegenstander zag enkele kansen over het hoofd, waarna hij de fout inging. De overige vier partijen werden gemakkelijke overwinningen, zodat ik een doos met drie flessen wijn naar Ede kon meenemen.

Oliebollentoernooi
Vlak na nieuwjaar (3 januari) vond in Arnhem/ít Dorp dit toernooi plaats. Van de ESV namen vier spelers deel: Sjoerd Meijer, René van Alfen en Hans van de Weteringh in de eerste klasse (1650-1900) en ondergetekende in de derde klasse (tot 1450). Dit toernooi werd gekenmerkt door lange wachttijden. Het duurde verschrikkelijk lang eer iedereen aan het schaken was. Maar toen iedereen eenmaal aan het spelen was, toen ging ít redelijk, behalve in mijn groep. Wat was namelijk het geval? De organisatie had de vooraanmelders alvast in het Zwitsers indeel-programma (Swiss Master) ingevoerd, maar in de derde klasse kwamen een aantal vooraanmelders niet opdagen, terwijl anderen zich pas aan de zaal aanmelden. Het gevolg: een chaos. Er werd besloten om na een lange pauze de tweede ronde in te delen door de 54 deelnemers opnieuw in te voeren en een random indeling te genereren. Aldus geschiedde. Na afloop van deze ronde moest ook de eerste ronde met de hand worden ingevoerd, waardoor er weer een pauze van ruim drie kwartier was. En buiten stroomde de regen met bakken uit de hemel, waardoor de tijd ook niet op een andere manier kon worden opgevuld. Uiteindelijk werd besloten om de derde groep maar zes ronden te laten spelen (met na de vijfde ronde weer een pauze, zodat in alle groepen de laatste ronde gelijtijdig kon beginnen).

Er werd gespeeld met Fischer-klokken en met een speeltempo van 15 minuten plus tien seconden per zet, zodat er een mogelijkheid was van sparen door enkele boerenkool-zetten (redelijke zetten die geen tijd kosten om te spelen; wel uitkijken voor zetherhaling, natuurlijk) na elkaar te spelen. Op zich een aardig speeltempo. Wel lastig als je tegenstander de klok vergeet in te drukken: dat scheelt weer tien seconden. Hoe ging het met de ESVíers? Niet slecht. Iedereen had een goede start. Sjoerd werd gedeeld eerste in de eerste klasse en won hiermee een vette geldprijs. Hans en René vielen wat terug. Ondergetekende scoorde 5 uit 6, waarbij deze slecht speelde tegen jeugdspelers. Tegen de eerste, N. Nagengast, blunderde ik mijn dame weg, maar ik won toch via het beruchte toren-matje (torens naar de tweede rij brengen en boffen dat er nog een witte toren op f1 stond). De tweede partij, tegen Kasper Uithof, ging helaas verloren. Toch nog derde, zonder dat ik de nummers een en twee getroffen had.

Ons Genoegen toernooi
Terwijl de KNSB-teams een competitieronde hadden, werd er in het bovenzaaltje van de Martuskerk in Amersfoort dit gezellige toernooi gehouden. 65 schakers waren op 10 januari aanwezig om voor de prijzen te strijden, ditmaal prijzen in natura. Er werd gespeeld in zeskampen. Na mijn goede resultaat in de vorige week had ik een rating van 1400 doorgegeven, hetgeen me bracht in groep J. In deze groep had ik een goede start: 3 uit 3. In de vierde ronde liet ik me in gelijkwaardige stelling matzetten. Mijn tegenstander, Hans van Run, kwam ik op hemelvaartsdag opnieuw tegen en toen haalde ik mijn revanche. Na vier ronden stond ik gedeeld eerste, zodat ik na een overwinning in de vijfde ronde groeswinnaar werd. Mijn medekoploper (T.v.d. Lugt) verloor in de laatste ronde nog.

De prijsuitreiking verliep iewat vreemd: iedere prijswinnaar mocht uitzoeken zodra hij/zij aan de beurt was en hierbij werd van bovenaf begonnen, zodat ik toch pas als 28e aan de beurt was. Toch wist ik nog een interessant boekje over de tweekamp Kasparov-Karpov uit het vuur te slepen. Het toernooi was goed verlopen, en zeker een aanrader!

Rothmans toernooi
Het 30e Rothmans toernooi, gehouden op zaterdag 7 februari in Zevenaar, was een minder geslaagd toernooi. Het werd gehouden in de kantine van de Rothmans-fabriek, alwaar de speelzaal niet rookvrij was. Erger nog: de rook bleef hangen, wat toch een groot nadeel was. Net als in ít Dorp werd er nu met de DGT klokken gespeeld en nu ook weer 15 minuten bedenktijd met 10 seconden bonus per zet. Dat in theorie de speeltijd onbeperkt is, bleek in de eerste ronde. Deze liep gigantisch uit toen in de hoofdgroep een dame-eindspel maar niet wilde eindigen.

Van de ESV waren, naast ondergetekende, Walter Pol en Arno Braam present. Walter speelde mee in de eerste klasse (tot 1900) en scoorde, na een zwakke start, 3 punten uit 7 partijen. Arno speelde (net als ik) in de tweede klasse (tot 1600) mee en behaalde 4 punten. Ikzelf speelde rond de vijftig procent, had na vijf ronden 2½ punt (met drie remises en een overwinning in de eerste ronde), maar verloor in de laatste twee ronden nog, zodat een teleurstellende 27e plaats mijn deel werd. Het was zaak om op de eerste tien borden te blijven spelen, anders werd men verbannen naar de kleuterhoek: de overkant van de speelzaal, alwaar de staartborden en de jeugdgroepen werden afgewerkt.

Na de laatste ronde wilde Walter het liefst meteen naar huis, maar we waren nog even gebleven. Niet zozeer dat de prijsuitreiking zo interessant is, maar Arno en ik wilde in ieder geval nog een uitdraai van de eindstand. De tussenliggende tijd werd gedood met Fischer snelschaak: 2 minuten plus drie seconden per zet.

ASV Voorjaarstoernooi
Het volgende toernooi was gelukkig heel wat longvriendelijker: in de speelzalen in de Opbouw mocht gelukkig niet gerookt worden. De belangstelling van ESVíers viel tegen: ik was de enige. Maar ja, het was 14 maart en er was schaatsen op de buis en bovendien vroeg de organisatie maar liefst 15 gulden entreegeld. Ik had ingeschreven in de C-groep (38 deelnemers), welke weg was gestopt in de kelder. Daar deed ik een onthutsende ontdekking: een gehandicaptentoilet die voor gehandicapten onbereikbaar was.

Het toernooi was verder goed verzorgd, alleen was duidelijk dat groep C met het restmateriaal moest spelen. Tijdens de eerste ronde moest ik spelen met een antieke klok (die op een gegeven moment bleef stilstaan) en met stukken die rechtstreeks uit een 50 spellen-doos geplukt leken te zijn.

Ik had een goede start: de eerste twee ronden won ik, in de derde ronde werd ik in gewonnen positie mat gezet, waarna ik nog twee overwinningen boekte. Na vijf ronden stond ik tweede. Helaas bleef het hierbij: in de laatste twee ronden verloor ik nog, waardoor ik terugzakte naar de veertiende stek.

7e Gelders Dagblad toernooi
Op zaterdag 21 maart 1998 togen elf ESV'ers naar Rhenen om de Gelders Dagblad cup te verdedigen. Deze cup arriveerde met ruim een kwartier vertraging bij het Hof van Rhenen, aangezien deze nog bij de grafeur moest worden opgehaald. Nadat de cup (met onze Hanzen) gearriveerd was, konden we aanschuiven voor de eerste pot, tegen Rhenen, die we wonnen in een glansrijke monsterscore: 10-0!! Een goed begin, al was de score iewat geflatteerd. Zoals de tegenstander van Walter Pol, die deze stelling verloren gaf:









Als zwart (aan zet) Th5+ had gespeeld, dan moet wit de toren slaan en is het pat!
 
De tweede ronde was de derby tegen De Cirkel. Hier werd de winst vooral op de middenborden gepakt. De topborden lieten een paar kleine steekjes vallen; op de laaste drie borden werd alles verloren. We wonnen nipt, met 5½-4½. De derde ronde bleek achteraf de beslissende: de wedstrijd tegen Veenendaal. Tegen de latere winnaar verloren we met 2-8. Alleen W. de Wilde kwam tot volle winst; hij zou al zijn partijen winnen. We gingen de pauze in met de volgende tussenstand:

    1. Veenendaal   6  19½
    2. ESV          4  17½
    3. De Cirkel    3  19
    4. Bennekom     3  18½
    5. Wageningen   2  12  (uit 2)
 
Nadat we ons te goed hadden gedaan aan de soep en belegde broodjes, een frisse neus hadden gehaald in het (zeer kleine) centrum van Rhenen en de krachten anderszins hadden aangeslepen (een versterking van ons team: Teus Weijman kwam nu ook meedoen), was 't de tijd om de strijd aan te binden met OPC. Deze tegenstander was toch een maatje te zwak: alweer een monsterscore, alleen Martin Ale liet een halfje liggen.

Wageningen was inmiddels opgerukt naar de derde plaats en vormde de tegenstander in de vijfde ronde. Nadat we met 4-0 achtergestaan hebben, wonnen we uiteindelijk nog met 6-4! Al kwam hier het enige geluk bij kijken. Ronald Klaassen stond een pion achter in het eindspel, maar zijn tegenstander blunderde in tijdnood een toren weg, zodat Ronald alsnog de partij naar zich toe kon trekken. Na vijf ronden stond ESV vast op de tweede plaats; Veenendaal was toen al praktisch onbereikbaar. De zesde ronde werd gelijkgespeeld tegen Bennekom, maar het had geen betekenis meer op de eindstand. De zevende en laatste ronde was ESV vrij.

Het toernooi was zeker geslaagd te noemen. De voorzitter van Rhenen meldde, dat voor hun het toernooi slechts ten dele was geslaagd: ze waren geen laatste geworden, maar ze waren er niet in geslaagd om niet met 10-0 te verliezen. Iedereen kon nog een zaterdagkrant van de sponsor (Gelders Dagblad) meenemen alvorens naar huis te gaan. Een geslaagde dag, voor herhaling vatbaar! Tot volgend jaar!

Rest nog te besluiten met het cijfermateriaal:
 
Gelders Dagblad toern.
1
2
3
4
5
6
7
Totaal
1. OPC  
2
1
½
2
4½ 0
0-10
2. Wageningen
8
 
6
4 9 5½
4
8-36½
3. Bennekom
9
4
  5 9
5
6-36½
4. ESV
6 5  
10
2
9-38
5. Rhenen
8
1 1
0
 
½
1
2-11½
6. De Cirkel 5½ 4½
5
  4
5-33
7. Veenendaal 10
6
8
9
6  
12-44½
Programma ESV:
1.  ESV          - Rhenen       10  - 0
2.  De Cirkel    - ESV           4½ - 5½
3.  ESV          - Veenendaal    2  - 8
4.  OPC          - ESV            ½ - 9½
5.  ESV          - Wageningen    6  - 4
6.  Bennekom     - ESV           5  - 5
7.  ESV          vrij
Eerstgenoemde vereniging had steeds zwart op de oneven borden.

Persoonlijke uitslagen ESV (op bordvolgorde):
 1. C.Jansen         1  1  0  1  1  1     5  uit 6
 2. M.Ale            1  ½  ½  ½  1  0     3½ uit 6
 3. T.Weijman        -  -  -  1  1  1     3  uit 3
 4. R.v.Alfen        1  1  0  1  1  0     4  uit 6
 5. H.v.d.Weteringh  1  0  0  1  0  0     2  uit 6
 6. R.Klaassen       1  1  0  1  1  1     5  uit 6
 7. H.Renken         1  1  ½  1  0  1     4½ uit 6
 8. W.de Wilde       1  1  1  1  1  1     6  uit 6
 9. W.Pol            1  0  0  1  0  0     2  uit 6
10. H.Thuijls        1  0  0  1  0  -     2  uit 5
11. S.Ravestein      1  0  0  -  -  0     1  uit 4
 
Erelijst:
1992 Veenendaal
1993 Veenendaal
1994 Wageningen
1995 Veenendaal
1996 Veenendaal
1997 Ede
1998 Veenendaal

Bevrijdingstoernooi Wageningen
Op bevrijdingsdag was in Wageningen dit traditionele toernooi, ditmaal in de Openbare Bibliotheek. Dit toernooi kende een forse prijzenpot: de eerste prijs was 1250 piek! Dit lokte enkele grootmeesters naar Wageningen. Loek van Wely won het toernooi (samen met Igor Glek), met 7 uit 8.

Er waren twee speelzalen: in de ene (de A-groep en de eerste 15 borden van de B-groep) werd met DGT-klokken gespeeld, in de andere (de rest van de B en de C) met ouderwetse uurwerken. De C-groep had echter de meest comfortabele stoelen: de stoelen uit de bieb. De A en B spelers waren veroordeeld tot het plaatsnemen op klapstoeltjes.

In de B-groep deden diverse ESVíers mee, waaronder Noël Bovens. Hij viel net niet in de prijzen, maar hij won wel een ronde-prijs: voor iedere deelnemer die als eerste een partij wist te winnen, viel een originele schaak-stropdas te winnen. Toen Noël de stropdas kreeg, zei Hans van de Weteringh: "Daar heb ik wel een tientje voor over", waarna de das snel van eigenaar wisselde. Tijdens één van de clubavonden was Hans te bewonderen met deze stropdas.

Naast Hans v.d. Weteringh en Noël Bovens deden van ESV ook mee René van Alfen, Ronald Klaassen, Ben Zee, Harold Boom en ondergetekende. Ondergetekende scoorde vier uit acht, een matig resultaat, doch trof drie goede tegenstanders.

Opvallend was, dat het snelschaakreglement van toepassing was, waarbij het slaan van de koning winnend is. En bij snelschaken geldt, dat de zet pas is voltooid als de klok is ingedrukt. Zo had Hans van de Weteringh pech: toen hij het laatste stuk van zijn tegenstander geslagen had, viel zijn vlag. Hierdoor incasseerde zijn tegenstander het volle punt. Helaas zijn er nog altijd spelers die op zoín manier een partij willen winnen. In een van mijn partijen wilde een speler rocheren terwijl hij schaak stond. Dat kan natuurlijk niet en ik gaf hem de gelegenheid een andere zet te doen i.p.v. te wachten tot hij zijn zet voltooid had en de partij te claimen (uiteindelijk verloor ik die partij).

Van dit toernooi is door Hans van de Weteringh een uitgebreid verslag gemaakt:

Aan dit toernooi namen maar liefst zes (zeven - HT)  ESV'ers deel! Een verheugend aantal voor een schaaktoernooi, dat niet in Ede plaatsvindt. Wellicht dat we in het nieuwe seizoen ESV eens vaker in den vreemde gaan vertegenwoordigen!

De beste prestatie werd geleverd door ESV-clubkampioen Noël Bovens, die na zes ronden 5 punten had. Helaas verloor hij in de laatste twee ronden, waarna hij genoegen moest nemen met de twaalfde plaats en net buiten de echte prijzen viel. Wèl was hij één van de snelste winnaars in een ronde en dat leverde hem een fraaie schaak-stropdas op. Maar Noël draagt nauwelijks stropdassen, dus was Hans van de Weteringh er als de kippen bij deze das voor een schappelijk prijsje over te nemen! Hans zorgde overigens ook voor een bevredigend resultaat door 4½ uit 8 te scoren. En dat had nog een vol punt meer kunnen zijn, als hij tegen de buitengewoon onsympathieke O. Cliteur wat minder bedenktijd had verbruikt. Dat was trouwens wel stuitend; met 12 Euwe-punten méér verliezen tegen een naakte koning op tijdsoverschrijding. En een wedstrijdleider, die niet in de geest van het wedstrijdreglement wilde arbitreren. Ongelofelijk, maar echt gebeurd! Na deze teleurstelling volgde voor Hans gelukkig een pauze, waarna hij toonde uit het goede schakershout gesneden te zijn en verder een goed toernooi speelde, met als klap op de vuurpijl de overwinning in de slotronde op maatje René van Alfen (zie partijanalyse). De 28e plaats was zijn deel.

Harold Boom speelde een wisselvallig toernooi en finishte met een score van 3½ uit 8 op de 36e plaats. Ook Ronald Klaassen speelde een wisselvallig toernooi met als slotscore 3 uit 8 en een 49e plaats. Als "Kop-van-Jut" werd Ben Zee tegen zijn gewoonte in gebruikt, hem lukte slechts weinig, hetgeen resulteerde in 1½ uit 8 en een 61e plaats.

In de eerste ronde wachtte al direct één van de sterkste spelers. Deze uit Dordrecht (Groothoofd) afkomstige speler zou uiteindelijk met 6 uit 8 op weerstandspunten als 3e eindigen.

Wit: J.J. Janse (1889)
Zwart: Hans van de Weteringh (1735)
1-0

In de tweede ronde had ik geen enkele moeite met het zeer druistige meisjes-talentje Esther Wolbers (1608) van Schaakmaat uit Apeldoorn. Ze zou als 59e eindigen met 2 punten (o.a. een winstpartij tegen Ben Zee).

In de derde ronde vond het al gememoreerde treffen met O. Cliteur uit Zandvoort plaats, die als 13e zou eindigen met 5 uit 8.

Wit: O. Cliteur (1847)
Zwart: Hans van de Weteringh (1735)









Geeft de gewenste snelle winst uit handen: gewoon 50. ..., Kg3 was winnend: 51. Tb3, Kg2 en 52. ..., f1D.  51. Ke2, Kg3  52. Tb1, Lg2  53. Tb3+  53. ..., Kf4  54. Kxf2, Lc6  55. Th3, Ke4  56. Th6, Kd5  57. Th5+, Kd4  58. Th4+, Kc5  59. Th5+, Kb4  60. Th6, Le4  61. Th4, Lxc2  62. Ke2, Kb3  63. Th3+ 63. ..., Kb2  64. Th5, b4  65. Tc5, Pa3  66. Th5, b3  67. Kd2, Ka2  68. Th1, b2 69. Kc3, Lf5  70. Th2, Pc2  71. Th1, Pa3  72. Th2, Lc2  73. Th1, b1D  Omwille van de tijd. Met remiseaanbod.  74. Th3??  Bijzonder onsportief.  74. ..., Db3+ 75. Kd4, Dxh3  En nadat ik deze zet had uitgevoerd, stond mijn digitale klok op - 0.00; ik had de klok nog niet ingedrukt... Wedstrijdleider erbij; geen mat-potentieel. Laat die eikel nou tòch een nul geven... ongelofelijk, maar waar!

Na de pauze had ik mij goed hersteld van dit onrecht en dat heeft mijn Amsterdamse (Caïssa) tegenstander geweten! Ditmaal dank aan Hans Thuijls voor het bijhouden van de notatie.

Wit: Hans van de Weteringh (1735)
Zwart: P. Koefoed (1695)
1-0

In de vijfde ronde speelde ik tegen een veel te laag gerate rolstoelschaker uit Bunschoten-Spakenburg. Hij werd uiteindelijk 44e met 3½ uit 8.

Wit: D. van Barneveld (1486)
Zwart: Hans van de Weteringh (1735)
½-½.

In de 6e ronde moest ik aantreden tegen Harold Boom. Na een goed gespeelde openingsfase wordt ik afgeleid door een incorrecte winstclaim aan het bord naast mij, welk incident wel ca. 5 minuten duurt. Genoeg om mij volledig uit mijn concentratie te halen. Sorry Harold, dat ik jouw goede prestatie daarmee bagatelliseer.

In de 7e ronde leverde ik mijn beste prestatie tegen mijn Apeldoornse (SVA) tegenstander, die als 45e zou eindigen met 3½ uit 8. In de 8e ronde moest René van Alfen er aan geloven.

Rest mij u nog de wisselvallige prestatie van Hans Thuijls te melden. Hij scoorde in de C-groep 4 uit 8 en werd daarmee 16e in een groep van 38 spelers.

Lombardijen toernooi / Open Rapidkampioenschap R.S.B.
Half mei kreeg ik last van schaaklust, waardoor ik op 16 mei al om kwart over zeven voor het loket van het station Ede-Wageningen stond. Ditmaal om een toernooi in Rotterdam te gaan spelen. Ik arriveerde al vrij vroeg bij de speelzaal (de consequentie van het vermijden van te veel risico, gezien de nukken en grillen van de NS). Zo vroeg, dat deze nog gesloten was. Het was prachtig weer, dus nog even de buurt verkend. Toen ik weer terugkwam, meldde ik me en hoorde ik, dat de belangstelling te wensen overliet. Niet alleen het goede weer speelde de organisatie parten, ook de aankondigingen waren niet goed doorgekomen. Ik was gewoon afgegaan op de aankondiging in Schaakmagazine, die correct was. In de andere aankondigingen (o.a. in de Spiegel, het blad van de R.S.B.) stond een inschrijfgeld van maar liefst 20 piek vermeld; in werkelijkheid was ít gewoon een tientje.

Ik speelde mee in de groep tot 1600, die uit slechts 18 spelers bestond. Er werd in de eerste ronden ingedeeld volgens rating, dus ik trof de (op papier) sterkste al gelijk. Deze partij ging verloren in het eindspel. De volgende twee partijen won ik makkelijk, zodat er ruim tijd was voor een wandeling. Ook aan de rand van Rotterdam kun je verdwalen, zodat ik ternauwernood op tijd was voor de vierde ronde. Die won ik, waardoor ik gedeeld tweede kwam te staan, met 3 punten. Er was nog één speler met een 100%-score, Rob Lubbers uit Nijmegen. Ik had gezien dat die goedkoop aan zijn punten was gekomen: zijn tegenstanders gingen steeds in gewonnen positie door hun vlag. In de vijfde ronde mocht ik tegen hem spelen, zodat ik orde op zaken kon stellen. Na vijf ronden stonden er vier spelers bovenaan. In de zesde ronde had ik een gelukje: ik stond positioneel slecht, maar mijn tegenstander zag mat-in-één over het hoofd. Dank je wel! Doordat de andere drie koplopers niet tot winst kwamen, kwam ik alleen aan kop. In de laatste ronde bood ik al na een handvol zetten remise aan, dat mijn tegenstander aannam. Dit leverde mij de overwinning in deze groep op. Doordat Jumelet (waar ik in de eerste ronde van verloor) verloor, werd ik ongedeeld eerste.

Schaakfestival Soest
Op Hemelvaartsdag (21 mei) deden Hans van de Weteringh en ondergetekende mee aan het rapidtoernooi van het Schaakfestival in Soest. De organisatie had zijn zaakjes goed voor elkaar. Het toernooi verliep voorspoedig: de indelingen waren ruim op tijd klaar, doch het tijdschema werd geen geweld aangedaan, zodat er buiten nog tegen een balletje geslagen kon worden. Hans v.d. W. kende een slechte start: hij begon met twee nederlagen, maar scoorde uit de laatste vijf partijen nog 4 punten, zodat hij toch nog 4 uit 7 had in de groep boven 1725. In de tweede groep, tot 1725, die - net als de eerste groep - ook uit 24 spelers bestond, speelde ondergetekende mee. Ik begon met een remise tegen de sterke jeugdspeler Jasper van Eijk (die uiteindelijk tweede werd). Daarna werd ít een om-en-om: verlies-winst. Helaas werd dit patroon in de laatste ronde doorbroken, zodat er niet meer dan een teleurstellende 2½ uit 7 in zat.

Ook van dit toernooi is door Hans van de Weteringh een uitgebreid verslag gemaakt:

Op Hemelvaartsdag reisde ik samen met Hans Thuijls af naar Soest om daar deel te nemen aan het rapidtoernooi tijdens het Schaakfestival ter plaatse. Ik werd op grond van mijn huidige rating (1735) ingedeeld in de sterkste groep (vanaf 1725!); Hans Thuijls mocht in de tweede groep uitkomen, waarin hij een zeer wisselvallig toernooi speelde. Overigens had hij een weekend eerder in Rotterdam de C-groep gewonnen. Proficiat, Hans!

Ik startte in de eerste ronde tegen Clement van de Laar uit Alphen aan de Rijn, die uiteindelijk met 4 punten als 8e zou eindigen.

Wit: Hans van de Weteringh (1735)   Zwart: Clement van de Laar (1886)
Damegambiet

1. d4, d5  2. c4, c6  3. Pc3, Pf6  4. Lg5, e6  5. e3, Pbd7  6. Pf3, Le7  7. Tc1 7. ..., 0-0  8. Dc2, h6  9. Lh4, b6  10. Le2, Lb7  11. 0-0, Tc8  12. Tfd1, Dc7?  Met zetverwisseling is een voor wit gunstige variant van het Damegambiet ontstaan. Aangewezen was direct 12. ..., c5, maar dat betekent wel, dat de zwartspeler een tempo heeft verloren ten opzichte van de normale openingsopzet. De tekstzet past niet in de gekozen opzet.  13. a3, c5  14. Lg3!, Dc6  15. cxd5, cxd5  16. Lb5, De6  17. Pe2  Wit offert enkele pionnen om de zwarte dame op een dwaalspoor te brengen.  17. ..., cxd4  18. Dd3, dxe3  19. Ped4, De4 20. Df1, Lc5  21. Ld3, De8  22. Pf5, exf2+  23. Kh1, Pe4  24. Lxe4, dxe4 25. P3d4, Lxd4?  De beslissende fout.  26. Pd6!, De6  27. Pxc8, Txc8  28. Txc8+, Lxc8  29. Txd4, e3  30. De2, Df6  31. Tf4, Dc6  32. Df1?  Wit had de kroon op het werk kunnen zetten met 32. Dxe3! en wit wint.  32. ..., Lb7
33. Tc4??  De beslissende fout. Aangewezen was 33. Tf3 en wit wint alsnog. 33. ..., e2  34. Dxe2, Dxg2 mat, 0-1. Wat een anti-climax!

Deze partij zat mij kennelijk in mijn volgende partij tegen Eddy A. Hartmans uit Amsterdam nog in het hoofd, want ik bakte er helemaal niets van. Maar gezien zijn torenhoge rating van 2240 (hij zou uiteindelijk achter de bekende Joost Marcus (2180; 6 punten), Ruben Snepvangers (2019, eveneens 6 punten) en Rob Bödicker (2088; 5 punten) op weerstandspunten als 4e met 4½ punt eindigen) had ik in betere doen waarschijnlijk ook van hem verloren.

De 3e ronde bracht mij tegenover de voormalig Joegeslaaf Josko Sulenta, een uiterst sympathieke - tegenwoordig in Soest woonachtige - speler, die met 2 punten uiteindelijk 22e werd.

Wit: Josko Sulenta (1528)   Zwart: Hans van de Weteringh (1735)
0-1.

In de 4e ronde speelde ik aanvankelijk een uitstekende partij tegen Paul de Vries, eveneens uit Alphen aan de Rijn, die met 3 punten als 17e finishte.

Wit: Hans van de Weteringh (1735)  Zwart: Paul de Vries (1768)
0-1.

In de 5e ronde speelde ik onderstaand miniatuurtje tegen Floris van der Blom uit Maarssen, die met 0 uit 7 troosteloos onderaan eindigde.

Wit: Hans van de Weteringh (1735)  Zwart: Floris van der Blom (----)
Aangenomen Damegambiet

1. d4, d5  2. c4, dxc4  3. Pf3, Pf6  4. Pc3, Pc6  Ongebruikelijk.  5. Lg5, Lg4 6. e3, Pd5  7. Lxc4, Pxc3  8. bxc3, f6?!  9. Lf4, e5  10. dxe5, Lxf3  11. gxf3, fxe5  12. Lg3, Ld6  13. Dd5!  Met deze mokerslag beslist de witspeler de partij in één klap.  13. ..., De7  14. Lb5, 0-0-0?  Tegen de storm in rokeert zwart, hetgeen het einde bespoedigt.  15. Lxc6, bxc6  16. Dxc6, Df6  17. Ke2, Thf8  18. Tab1, Td7??  Ziet het mat in één over het hoofd. Anders duurt het een paar zetten langer: 19. Tb7, 20. Txa7 en 21 Ta8 mat.  19. Da8 mat; 1-0.

In de 6e ronde is Gerard Wagenaar uit Hilversum mijn tegenstander, die met 2 uit 7 op de 21e plaats eindigt.

Wit: Gerard Wagenaar (1772)   Zwart: Hans van de Weteringh (1735)
0-1.

In de laatste ronde is K. den Boer uit Utrecht, die ik nog ken uit het boerenbridge-circuit (dat helaas overigens niet meer zo actief is als een paar jaar geleden). Hij eindigde met 3 punten als 18e.

Wit: Hans van de Weteringh (1735)  Zwart: K. den Boer (1828)
1-0.

DOS Amsterdam toernooi
Het laatste rapidtoernooi van het seizoen speelde ik in Amsterdam-Buitenveldert. Op 6 juni had ik het barre weer getrotseerd. Bij aankomst begon ít te regenen en toen ik de sneltram verliet, was ít in de stromende regen zoeken naar het BOC, alwaar het DOS Rapidtoernooi plaatshad. Drieenveertig schakers deden er mee; er werden zeven ronden Zwitsers in één grote groep gespeeld. De eerste ronden werden volgens rating ingedeeld, waardoor ik pas in de derde ronde tot winst kwam. Ik scoorde in totaal 3 uit 7, waarbij de laagst gerate tegenstander een rating van 1590 had. Niet slecht, dus. Helaas verloor ik in de laatste ronde nog, zodat ik naast de ratingprijs (voor de beste speler tot 1600) greep. De prijs voor de beste speler tot 14 jaar werd gewonnen door een speler met 0 punten. 't Was een geslaagd toernooi. De speelzaal was donker, maar sfeervol (in augustus wordt daar ook het schaaktoernooi van de homospelen gehouden).

Tijdens het toernooi was het stralend weer. Helaas kwam daarna het noodweer, doch ik had geen vertraging ondervonden op de terugreis. 

Rapidtoernooi Dieren, zaterdag 25 juli 1998
Als voorbereiding op het Lost Boys toernooi leek 't ons (de twee Hanzen: Hans van de Weteringh en Hans Thuijls) een goed idee om een zaterdagje naar Dieren te gaan om daar het rapidtoernooi te spelen. Het toernooi maakt deel uit van de bondswedstrijden, al konden de deelnemers aan die toernooien niet deelnemen aan dit toernooi. Desalniettemin kwamen toch nog 52 man op dit toernooi af, met enkele toppers zoals Frank Kroeze en Oscar Lemmers.

Er werd in één grote groep zeven ronden gezwitserd in een matig verlicht zaaltje. Af en toe zat er een partij tussen in het halfduister.

Ons was het vooral te doen om recent bekeken openingen uit te proberen. Er werd dan ook tijdens dit toernooi driftig genoteerd. De resultaten waren dan ook wisselvallig. Hans vd W. wist nog een 50%-score te behalen; voor Hans T. zat dat er niet in; hij bleef op 2½ punt steken.

De eindstand:
 1. Frank Kroeze           6   (331/2 wp)
 2. Axel Wunsch            6   (32 wp)
 3. Peter Bolwerk          5½
    Ulrich Perschke        5½
22. Hans van de Weteringh  3½  (TPR 1704)
38. Hans Thuijls           2½  (TPR 988)

Dat was even schrikken: toen de computer de eindstand uitspuwde, bleek er voor ondergetekende een TPR van nog geen duizend op te staan! Dit kwam omdat de scores tegen de ratinglozen hiervoor niet meetelden. Als dit wel het geval zou zijn (door simpelweg hun TPR als rating te nemen), dan zou de TPR uit zijn gekomen op 1463. Inderdaad, ook geen rating om over naar huis te schrijven.